Ontwerp Meerjarenbeleidsplan 2024-2027

Versie 1.1

Colofon

Samengesteld door: Politie Oost-Nederland, Eenheidsstaf

Versie

Ten behoeve van

Datum

0.3

Politie intern

28 augustus

0.4

RVO

21 september

0.5

DVO's

2-20 oktober

1.0

Bestuurscollege

1 november

1.1

Consultatie Ontwerp-MJBP gemeenteraden

november 2023 - februari 2024

2

Vaststelling MJBP Bestuurscollege

27 maart 2024

Voorwoord

Dit Meerjarenbeleidsplan 2023-2027 (MJBP) is nog meer dan voorheen gericht op het willen werken aan thema's die ons allemaal bezighouden en waarvan we ze in gezamenlijkheid regio breed gaan oppakken. Het beschrijft de strategische thema's waar de politie de komende vier jaren een bijzondere focus op heeft. Deze regionale thema's zijn gekozen op basis van een analyse van de integrale veiligheidsplannen van 76 gemeenten in Gelderland en Overijssel en het Veiligheidsbeeld 2023. Dit plan kan worden gezien als regionale aanvulling op de gemeentelijke integrale veiligheidsplannen. Voor lokale prioriteiten is lokaal ruimte. De gezagsdriehoek is leidend in de keuzes die daarin worden gemaakt en daarnaast werken we ook op districtelijk niveau concreet samen aan gemeenschappelijke veiligheidsthema's.

Strategische thema's

We zien al langere tijd een afname van traditionele criminaliteit en een toename van digitale onveiligheid. Omdat criminelen steeds vaker digitaal actief zijn, wordt het gezamenlijk investeren in digitale veiligheid steeds urgenter. Tegelijk is er toenemende zorg over de aard en omvang van de minder zichtbare, ondermijnende criminaliteit en de effecten daarvan op onze leefomgeving. De aanpak van ondermijning staat prominent op de agenda van alle veiligheidspartners en sluit aan bij de reeds ingezette koers om hier stevig op te investeren.

Het vertrouwen in de politie is onlosmakelijk verbonden met de legitimiteit van de politie. Daarom is het in deze tijd van polarisatie en toenemende maatschappelijke onrust cruciaal dat de politie goed in verbinding is met de samenleving. Zodat zij legitiem en effectief blijft in haar optreden.

Versterking van de politie

De politie Oost-Nederland wordt versterkt met extra mensen. De eenheid gebruikt deze uitbreiding voor extra agenten in de basisteams, maar ook bijvoorbeeld bij de meldkamer, waar flink wordt uitgebreid om onze burgers en bedrijven in nood te helpen. Politie Oost-Nederland is toegankelijk en nabij, zowel fysiek als digitaal. Dit zijn geen gescheiden werelden meer en dit stelt het politiewerk in de basisteams voor nieuwe uitdagingen. Online bedreigingen, helpdeskfraude, digitale oproepen tot rellen, jeugdgroepen die elkaar via sociale media ophitsen om geweld te plegen, sextortion en doxing zijn voorbeelden van de nieuwe werkelijkheid. Een deel van de extra capaciteit wordt ingezet om basisteams daarbij te ondersteunen.

Veilige leefomgeving

De komende periode werkt de eenheid Oost-Nederland met zo'n zevenduizend medewerkers aan de strategische thema's en daarmee aan een veiliger leefomgeving, zowel in de fysieke als in de digitale wereld. Dat doet zij onder lokaal gezag – de burgemeesters van de 76 gemeenten en het openbaar ministerie – en samen met een scala aan partners. Gezamenlijk investeren we in een effectieve aanpak van onveiligheid in de samenleving en door de juiste keuzes te maken, dragen we bij aan een sterk veiligheidsgevoel en vertrouwen van burgers in instanties die verantwoordelijkheid dragen voor de veiligheid; op straat én op het web.

U kunt erop rekenen dat wij ons maximaal inzetten voor een veilig Oost-Nederland. Wij vertrouwen erop dat dit beleidsplan daaraan bijdraagt.

De driehoek van Oost-Nederland,

  • Drs. H.M.F. Bruls, Regioburgemeester

  • Mr. M.A.J. Kunst, Hoofdofficier van Justitie

  • J.C. Knol, Politiechef

Inhoudsopgave

1. Inleiding

Voor u ligt het Meerjarenbeleidsplan 2024-2027 (MJBP) van de eenheid Oost-Nederland. Dit plan is opgesteld overeenkomstig de Politiewet1, die voorschrijft dat het gezag, zijnde de burgemeesters van de gemeenten in het gebied waarin de regionale eenheid de politietaak uitvoert en de hoofdofficier van justitie, ten minste éénmaal in de vier jaar een regionaal beleidsplan vaststellen. Het plan neemt positie in tussen het lokale veiligheidsbeleid en de landelijke Veiligheidsagenda en beschrijft de bijdrage van de politie aan een veilig Oost-Nederland. Het is goed om te beseffen dat dit plan ingaat op regionaal beleid. Dat betekent niet dat alles wat in de regio aan politiewerk verricht zal worden in dit document staat, lokale en districtelijke prioriteiten en de bijbehorende politie-inzet worden op dat niveau afgestemd. Het MJBP heeft daarmee meer het karakter van een regionaal kader dan van een uitputtende lijst beleidsonderwerpen.

1.1 Leeswijzer

Het Meerjarenbeleidsplan (MJBP) omvat de inhoudelijke thema’s die voor de hele eenheid aandacht vragen en de doelstellingen uit de landelijke veiligheidsagenda, de afspraken met het OM en de sterkteverdeling.

Bestuurlijke thema’s

In het Regionaal Veiligheidsoverleg (RVO) van juni is naar aanleiding van de analyse van de integrale veiligheidsplannen (IVP) door het Veiligheidsnetwerk Oost-Nederland en de districtelijke strategische agenda’s geconcludeerd dat de thema’s ondermijning, digitale veiligheid en zorg en veiligheid in het MJBP geadresseerd moeten worden. Deze drie bestuurlijke thema’s komen in vrijwel alle integrale veiligheidsplannen terug.

Strategische ontwikkelthema’s

Twee van deze bestuurlijke thema’s, ondermijning en digitale veiligheid, zijn regionale strategische ontwikkelthema’s die in brede samenwerking moeten worden aangepakt omdat deze thema’s:

  • vragen om een regionale aanpak omdat dit de districts- en gemeentegrenzen overstijgt en/of effectiever en/of efficiënter is; en

  • de capaciteit, competenties en/of schaal van het basisteam overstijgen; en

  • in integraal verband een beleidsmatige intensivering of impuls nodig hebben.

Ook zien we dat de maatschappij in rap tempo verandert. De effectiviteit van politiewerk en de verbinding met de samenleving - en daarmee de legitimiteit - moeten worden versterkt door te investeren op diversiteit en inclusiviteit. De politie ligt op dit punt -terecht- onder een vergrootglas en dat onderstreep de noodzaak om hierop de komende jaren intern en extern te ontwikkelen. Als politie voegen we daarom een derde regionaal strategisch ontwikkelthema toe: politie voor iedereen.

Reguliere strategische thema’s

Naast een hoofdstuk over ontwikkelthema’s, thema’s waarop we komende jaren beleidsmatig extra willen investeren, is in het MJBP een hoofdstuk opgenomen met reguliere strategische thema’s die voor de gehele regio aan de orde zijn. Daartoe behoort ook zorg en veiligheid. Op deze thema’s blijven we investeren door capaciteit in te zetten en aan te sluiten bij bestaande structuren, maar er is voor de politie geen beleidsmatige intensivering gepland. Door intensief samen te werken met partners (publiek-privaat en publiek-publiek) en elkaars expertise meer te benutten, kan de politie rolvast, zichtbaar, aanspreekbaar en inzetbaar in de wijken zijn en blijven.

Vanwege de verschillende accenten in de IVP en overlap met andere (hoofd)thema’s wordt het onderwerp maatschappelijke onrust beschreven onder de relevante strategische thema’s. Hetzelfde geldt voor het onderwerp jeugd (in het bijzonder jonge aanwas/preventie met gezag), mede omdat jongeren als (potentiële) dader en als slachtoffer op alle thema’s in beeld komen.

Bedrijfsvoering

In het laatste onderdeel van het Meerjarenbeleidsplan nemen we onderwerpen op die de interne organisatie raken. Ook de sterkteverdeling maakt deel uit van dit hoofdstuk.

1.2 Prioritering

Door de inzet van de politie de komende vier jaar te richten op de hierboven genoemde strategische ontwikkelthema's, kunnen grote stappen vooruit worden gezet op die thema's waarop de maatschappij ook om grote stappen vraagt. We kunnen hierop het verschil gaan maken als bestuur en OM deze prioriteiten omarmen, gezamenlijk integraal aanpakken en faciliteren. Zoals in de eerste alinea van deze inleiding vermeld, worden lokale en districtelijke prioriteiten en de bijbehorende politie-inzet op dat niveau afgestemd. Daar zal de komende vier jaar elke keer de afweging gemaakt moeten worden.

1.3 Gebiedsgebonden politie en lokaal samenwerken aan veiligheid

Bij de inventarisatie van de strategische thema's is aandacht gevraagd voor onder andere de zichtbaarheid van de politie op straat en lokale prioriteiten. De politie is er voor iedereen, voelt vertrouwd en dichtbij en is gemakkelijk benaderbaar: in de stad en op het platteland, thuis of onderweg, via social media, telefonisch of op het bureau. Burgers kunnen rekenen op een goede dienstverlening: we blijven zichtbaar op straat en daarnaast wordt komende jaren geïnvesteerd in de digitale zichtbaarheid en toegankelijkheid van de politie, om beter aan te sluiten op de digitaal transformerende maatschappij. Zodat we -ook als er geen nood is- in verbinding blijven met onze samenleving. Als het nodig is, zijn we er. Altijd en overal in de eenheid! Daarbij kan flexibel worden opgeschaald vanuit omliggende teams, het district, de eenheid en zonodig andere onderdelen van het korps. Lokaal is het beste zicht op (on)veiligheid in de buurt, in wijken en gebieden en welke partners daar het beste mee aan de slag kunnen. Gegeven de schaarste in het veiligheidsdomein, wordt in de gezags- driehoek telkens de afweging gemaakt welk werk prioriteit krijgt. Daar vindt het goede gesprek over samenwerking plaats, met aandacht voor wat we van elkaar verwachten en welke verplichtingen we met elkaar aangaan; wat elke partner bij kan dragen aan preventie en welke informatie er nodig is. Daarbij delen partners informatie binnen de geldende wettelijke kaders, waarbij het soms balanceren is tussen privacy en veiligheidsdoelstellingen.

Deze punten zijn niet zo zeer inhoudelijke veiligheidsthema's maar als randvoorwaarde wel degelijk van belang voor een goede aanpak en samenwerking. De komende jaren zullen ook deze randvoorwaarden onderwerp van gesprek zijn in lokale driehoeken, DVO's en Bestuurscollege en bij de gezamenlijke (lokale/districtelijke) aanpak van de inhoudelijke thema's.

1.4 Afspraken Veiligheidsagenda en OM

De politiewet schrijft voor dat de landelijke beleidsdoelstellingen van de minister ten aanzien van de taakuitvoering van de politie zoals opgenomen in de Veiligheidsagenda, in acht worden genomen in het Regionaal Beleidsplan2. Het gezag weegt de vastgestelde landelijke beleidsdoelstellingen mee bij de inzet van de politie. Daar waar de thema's uit de Veiligheidsagenda overeenkomen met de regionale thema's zijn de landelijke afspraken weergegeven.

Hetzelfde geldt voor de kaders vanuit het OM, waar deze van toepassing zijn, komen ze terug bij het thema of de opgave. OM en politie werken in Oost-Nederland samen aan de kwaliteit van het opsporings- en vervolgingsproces in een (virtueel) Bureau Ketensamenwerking. Er worden jaarlijks ketenbeheerafspraken gemaakt waarbij de focus ligt op het oppakken van de juiste zaken, het verkleinen van doorlooptijden, het beheersen van voorraden en de juiste zaken goed doen. Daarbij is het van belang om slachtoffers duidelijk te informeren over de behandeling en afhandeling van hun zaak. Voor daders geldt, dat wordt gestuurd op een snelle en betekenisvolle (strafrechtelijke) afdoening, waarbij maatwerk wordt geleverd ten aanzien van de specifieke omstandigheden van slachtoffer(s) en dader. Een snelle betekenisvolle afdoening leidt tot een hogere herkenbaarheid van straffen in de maatschappij.

2. Strategische ontwikkelthema's

2.1 Ondermijning

We spreken van ondermijning als er sprake is van (criminele) activiteiten die de democratische rechtstaat aantasten. Het gaat dan bijvoorbeeld om ideologisch aangedreven extremisme en zware georganiseerde criminaliteit waar financiële en machtsmotieven aan ten grondslag liggen, zoals georganiseerde drugscriminaliteit, corruptie en witwassen. Zaken die vaak onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en de samenleving ondermijnen. Ondermijnende drugscriminaliteit heeft veel negatieve gevolgen voor de samenleving. De onder- en bovenwereld raken verweven, woonwijken worden onveilig door drugs labs en brandgevaarlijke hennepkwekerijen, het tast de integriteit van het openbaar bestuur en het bedrijfsleven aan, jongeren worden benaderd en ingezet als drugskoerier of geldezel en drugs worden verkocht op festivals en evenementen. Andere negatieve gevolgen zijn het dumpen van drugsafval in de natuur, het bedreigen of afpersen van bestuurders, ambtenaren, medewerkers van bedrijven en burgers, het benaderen van bijvoorbeeld boeren om hun schuur af te staan voor de productie van drugs en de afrekeningen die op klaarlichte dag plaatsvinden in het criminele circuit.

Aantrekkelijk gebied

De eenheid Oost-Nederland is een aantrekkelijk gebied voor de productie van en handel in drugs, door de aanwezigheid van steden, de relatief lage bevolkingsdichtheid in de uitgestrekte buitengebieden, de centrale ligging binnen Nederland en de gunstige ligging ten opzichte van Duitsland, die snelle doorvoer richting de rest van Oost-Europa mogelijk maakt.

Criminele ondermijnende activiteiten

De volgende activiteiten kunnen als criminele ondermijnende activiteiten worden benoemd.

Georganiseerde drugshandel

Met focus op cocaïne en synthetische drugs vanwege de veelheid aan aangetroffen locaties en de link met cocaïne en excessief geweld.

Ernstige geweldsincidenten

Grote maatschappelijke impact, dodelijke slachtoffers en meedogenloze werkwijze.

Financieel-economische crim.

Witwassen en fraude (oplichting met een belangrijke financiële component).

Mensenhandel

Met onderscheid legaal en illegaal in Nederland verblijvende niet-EU burgers.

Georganiseerde milieucriminaliteit

Door politieke en maatschappelijke aandacht voor klimaat, leefomgeving, duurzaamheid en milieu.

Contra terrorisme, extremisme en radicalisering (CTER)

Jihadisme, rechts-en linkextremisme, anti-overheid extremisme, separatisme, dierenrechten- en klimaat & milieu extremisme.

Corruptie

Vanwege verwevenheid in drugsnetwerken, milieu- en financiële criminaliteit, werven van corrupte contacten en misbruik van kwetsbare persoonlijke situaties.

Doel en strategie

Doel

Het uiteindelijke doel van de aanpak van ondermijning is dat Oost-Nederland minder aantrekkelijk wordt voor (internationale) georganiseerde ondermijnende criminaliteit.

Om het doel te behalen is een integrale aanpak nodig die kennisintensief en samenhangend is en waarin preventie, maatschappelijke- en bestuurlijke weerbaarheid, verstoring en bestraffen hand in hand gaan. Dit moet op lokaal, districtelijk, regionaal en (inter)nationaal niveau in samenhang gebeuren, waarbij OM en politie een eigen opsporingstaak hebben die niet los kan worden gezien van de inspanningen van andere veiligheidspartners. Binnen de politie vindt een ontwikkeling plaats op zes terreinen.

Jeugd / jonge aanwas

Eén van de zes terreinen betreft het thema jeugd / jonge aanwas, dat speciale aandacht verdient. De toename van het aantal ernstige drugs-en geweldsincidenten gepleegd door jongeren is een maatschappelijke ontwikkeling. Er zijn zorgen over jongeren die onder druk worden gezet om delicten te plegen met een hoge pakkans en jongeren die een uitgebreid crimineel, vaak internationaal netwerk hebben en ondermijnende delicten plegen. Als politie sluiten we bij onze partners aan in de gezamenlijke opdracht effectief te interveniëren en jeugdcriminaliteit te bestrijden.

Aanpak

Beoogd resultaat

Dynamisch sturen en samenwerken Verbinding tussen intelligence en de integrale aanpak van ondermijning, waaronder een intensivering van de opsporing.

Dynamisch sturen kenmerkt zich door: werken o.b.v. een veiligheidsbeeld en het vertalen daarvan naar betekenisvolle inter-venties, specialisten die kunnen samenwerken, sturen op maatschappelijk effect en permanente verbinding tussen beeld en operatie.

Kennen van de hoofdrolspelers in de georganiseerde criminaliteit en het onaantrekkelijk maken voor een vestigingsklimaat in Oost-Nederland voor georganiseerde en zware criminaliteit.

Datagedreven werken Verbinding tussen het digitale terrein en de aanpak van ondermijning. Digitale criminaliteit ontwikkelt zich de afgelopen jaren sterk en de verwevenheid met de georganiseerde misdaad wordt steeds groter.

Herinrichting Team Digitale Opsporing Met TROI grote hoeveelheden data structureren Met werkvoorbereidingsteam HUB verdachten uit ‘hogere’ delen van criminele netwerken in beeld brengen en bijv. niet alleen de geldezels. Landelijk overleg OM-Politie

Meer samenhang, samenwerking en ontwikkeling in het digitale domein Zaken slimmer en effectiever aanpakken. Bijdragen aan bestrijding digitale ondermijnende criminaliteit. Betere en efficiëntere sturing op de landelijke zware cybercrimezaken

Samenwerken in opsporing

Intensievere samenwerking op het gebied van aanpak ondermijning tussen teams, districten en DRR.

De aanpak overschrijdt grenzen en kan door samenwerking verbeteren. Voorkomen dat jongeren doorgroeien naar zwaardere vormen van ondermijnende criminaliteit

Aan de voorkant interveniëren op de ‘jonge aanwas’

- Ontwikkelen informatiebeeld Jongeren in ondermijning.
- Verbinden met en tussen Preventie met Gezag en PGA.
- Gezamenlijk ontwikkelen aanpak op jongeren in brede zin vanuit kerntaak gemeenten, justitie en politie.
- (Door)ontwikkelen Preventie met Gezag in Arnhem, Nijmegen, Enschede en andere steden Aansluiten op partners en effectieve ketensamenwerking om te komen tot betekenisvolle interventies en afdoenings- mogelijkheden.

Geen waarde

Ketensamenwerking: ZSM

- Aandacht voor jonge aanwas op ondermijning.
- Oog hebben voor ondermijningsaspect bij afdoening digitale zaken.
De bulk van VVC-zaken snel en betekenisvol afdoen.

Gevallen van ‘jonge aanwas’ signaleren en integraal afdoen en meer tijd creëren voor basisteams om ondermijnings- zaken op te pakken.

Publiek private samenwerking

- Bestaande netwerken in kaart brengen (brancheorganisaties).
- Opzetten en onderhouden van bondgenoten op team-, districts-, eenheids- en nationaal niveau.
Mogelijkheden onderzoeken in de wederkerigheid van samenwerking tussen private en publieke partijen en vertalen naar een Arrangement en Service-Level-Agreements.

De nodige middelen, expertise en kwaliteiten bundelen om georganiseerde en ondermijnende criminaliteit tegen te gaan

Afspraken

In de landelijke Veiligheidsagenda zijn op het gebied van ondermijning drie thema’s benoemd:

  • de inzet van de politie blijft gericht blijft op het terugdringen van criminele samenwerkingsverbanden met daarop besloten de aanpak van illegale wapenhandelaren en organisatoren van liquidaties en de aanpak van criminele geldstromen;

  • aanpak van criminele geldstromen om te voorkomen dat crimineel geld verdiend kan worden, dat in het legale circuit komt of blijft rondcirkelen in het illegale circuit. Vele partners spelen hierin een rol en één van de instrumenten is het ontnemen (of ‘afpakken’) van het met criminaliteit verdiende vermogen. Door vanaf het eerste signaal een financieel onderzoek in te zetten, lukt dit steeds beter. Daarnaast wordt een landelijke kwalitatieve standaard ontwikkeld voor de financiële paragraaf in elk weegdocument van ondermijningszaken;

  • om de ambitie in de aanpak van mensenhandel te kunnen realiseren, richt de politie zich onder gezag van en met het OM en samen met gemeenten en andere relevante partijen zich op een goede informatiepositie, doorontwikkeling van de online opsporing en inzet op eenheids-overstijgende samenwerking, het leggen van verbinding tussen internationale elementen van mensenhandel en het verbeteren van de samenwerking met bronlanden van mensenhandel.

Binnen en naast de ontwikkeling op bovenstaande zes terreinen, neemt de politie deel aan het samenwerkingsverband RIEC en de veiligheidshuizen en daarbij participeert zij in de Meerjarenstrategie Aanpak ondermijning van het RIEC-samenwerkingsverband. Ook is er vanzelfsprekend aandacht voor de aanpak van de bestuurlijke ondermijningsthema’s veilig buitengebied, drugs, zorgfraude, OMG en weerbare overheid en maatschappij.

Afspraken

  • 141 onderzoeken3 in 2024, 2025 en 2026 naar criminele samenwerkingsverbanden (bron: Veiligheidsagenda)

  • Verdachten OM mensenhandel: 26 in 2024, 2025 en 2026 (bron: Veiligheidsagenda)

  • Door minister vastgestelde doelstellingen beslag: 2024: €24.924.539, 2025: €26.170.765 2026: €27.416.992 (bron: Veiligheidsagenda)

  • Minimaal 5% beslag bij vermogensdelicten (bron: OM)

2.2 Digitale Veiligheid

De samenleving is steeds meer fysiek en digitaal met elkaar verweven. De verregaande digitalisering leidt tot een exponentiële toename van digitale criminaliteit. Criminelen grijpen hun kansen en gebruiken digitale middelen voor hun criminele activiteiten. De overheid heeft, naast wat burgers en organisaties zelf kunnen doen, als taak de samenleving tegen deze digitale vormen van criminaliteit te beschermen, te waarschuwen, slachtoffers te ondersteunen en daders aan te pakken. Het internet mag geen criminele vrijplaats zijn en misdaad mag niet lonen. Dit betekent dat we als politie niet alleen in het fysieke domein aanwezig en dichtbij moeten zijn maar ook in het digitale domein en dat we de aanpak van online criminaliteit moeten versterken. Transformeren naar een (meer) digitaal georiënteerde organisatie die burgergericht denkt én doet is hiervoor nodig.

Digitale component steeds belangrijker

We zien dat de digitale component binnen alle veiligheidsthema's belangrijker wordt. Digitale technologieën zorgen er immers voor dat delicten op een grotere schaal gepleegd kunnen worden en dat criminele hun handelen beter kunnen anonimiseren.

Ontwikkeling digitale criminaliteit

Binnen de eenheid signaleren we de volgende activiteiten op het gebied van digitale criminaliteit:

  • toename impact cybercrime door verwevenheid technologie in ons dagelijks leven;

  • de snelle ontwikkeling van kunstmatige intelligentie en taalmodellen als ChatGTP vergemakkelijken de verspreiding van desinformatie, het maken van kwaadaardige code voor cybercrime-doeleinden en het op grotere schaal nog realistischer oplichten van mensen;

  • criminele spelen razendsnel in op maatschappelijke ontwikkelingen;

  • toename betrokkenheid jongeren bij cybercrimezaken;

  • toename aanvallen door statelijke actoren vanwege geopolitieke ontwikkelingen;

  • stimulans meldingsbereidheid cybercrime door uitbreiden opties voor online aangifte;

  • toename van data, waardoor uitdagingen op het gebied van techniek, ethiek en privacy groter worden.

Een lucratief businessmodel

Cybercriminaliteit wordt steeds eenvoudiger. Online kunnen daders voor enkele tientjes software kopen om een aanval uit te voeren, zonder dat technische kennis nodig is (crime-as-a-service). Ook is geen ingang in het criminele milieu nodig. Van achter de computer kan een dader snel en verspreid over een groot gebied veel slachtoffers maken. De pakkans is nu vaak nog laag, mede door de kansen die het internet biedt om anoniem te handelen.

Doel en strategie

Doel

De online veiligheid voor burgers en bedrijven vergroten. Burgers (en slachtoffers) voelen zich gehoord en geholpen en hebben vertrouwen in de politie.

Om dit doel te bereiken, organiseren we dat de online wereld 24/7 wordt gescand om de problematiek te herkennen, up-to-date te reageren op ontwikkelingen (zoals signalen van maatschappelijke onrust), deze te adresseren en hierover te adviseren. We verzamelen, delen en duiden informatie en gaan daar de komende jaren het verschil op maken. Hiertoe ontwikkelen we samen met burgers, bedrijven en publieke organisaties continue nieuwe, innovatieve interventies waarmee we gedigitaliseerde criminaliteit effectief voorkomen, verstoren en opsporen. Binnen de eenheid wordt hieraan gewerkt op vijf terreinen.

Aanpak

Beoogd resultaat

1. Interveniëren
Selectief opsporen, verstoren en voorkomen van digitale criminaliteit, met focus op veelvoorkomende en ondermijnende criminaliteit met een snelheid die past bij het digitale domein.

Verbeteren van de (digitale) veiligheid.

2. Hulp verlenen
Verlenen van noodhulp in het digitale domein, (herhaald) slachtofferschap voorkomen door individuele beoordeling en advies, eenvoudige toegang tot professionele dienstverlening en tot het eigen dossier.

Verbeteren van het vertrouwen in de politie in het digitale domein.

3. Data
Digitaal vastleggen van een goede aangifte en melding, data-gedreven onderzoeken binnen de kaders van privacy wet- en regelgeving.

Het efficiënt en effectief werken met grote hoeveelheden data om zo een betekenisvol verschil te kunnen maken in de aanpak van (digitale) criminaliteit.

4. Verbinding
Stimuleren van en participeren in integrale samenwerkingen, zowel met publieke als private partijen, vanuit de behoefte toegankelijk en actief te zijn op diverse kanalen en platformen. In staat zijn snel in te spelen op veranderende behoeften van de samenleving.

In verbinding met burgers zijn, daar waar zij ook digitaal actief zijn. In het bijzonder jeugd, die een groter risico loopt in de greep van cybercriminaliteit te raken

5. Autoriteit
Nieuwe vormen van digitale criminaliteit voorspellen en snel oppakken, met gezag optreden in het digitale domein, deskundig zijn en adviseren.

De samenleving heeft vertrouwen in de politie als het gaat om de aanpak van (digitale) onveiligheid en het herkennen van signalen van maatschappelijke onrust en het acteren daarop

Een voorbeeld van interveniëren is het landelijke programma Centurion dat ondersteunt in de aanpak van digitale criminaliteit zoals vriend in nood fraude, aan- en verkoopfraude, phishing, sexting en (bank)helpdeskfraude. Met een gerichte, gezamenlijke en landelijk gecoördineerde aanpak wordt de wijze van opvolging van aangiftes in de basisteams in Oost-Nederland ondersteund en criminele verbanden aangepakt die tot voor kort buiten beeld bleven. Daarbij is speciale aandacht voor jeugd, als groep die extra risico loopt: wat begint met een kleine gunst, kan onder druk van criminelen ongewild leiden tot steeds ernstiger gedrag en eindigen in zware criminaliteit.

Een voorbeeld van verbinding is het convenant met het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering (CVD). Partners daarin zijn: Universiteit Twente, Hogeschool Saxion, ROC Aventus, Politieacademie en NIPV. Het biedt een platform waar politie, ondernemers, studenten, onderzoekers en opleiders elkaar vinden. Het doel is het bevorderen van kennis en innovatie om politiewerk in het digitale domein naar een hoog niveau te brengen door een brug te slaan tussen praktijk en onderwijs/wetenschap.

Platform Web en Wijk

Om de basisteams te ondersteunen, is het nodig om een platform in te richten waar wijkgerichte digitale expertise voorhanden is om de gebiedsgebonden politie te helpen bij de bovenstaande (grensoverschrijdende) aanpak. Daarmee ontlasten we ze van (veelal technische en administratieve) taken en zorgen we ervoor dat die capaciteit weer beschikbaar komt voor werk in de wijk.

Afspraken

Voor de komende jaren zijn in de Veiligheidsagenda afspraken gemaakt ten aanzien van het aantal reguliere onderzoeken naar gedigitaliseerde criminaliteit en verdachten van reguliere cybercrime-zaken, beiden met een aandeel alternatieve interventies. Bij een alternatieve interventie worden doorgaans geen verdachten aangehouden, maar andere acties uitgevoerd om criminele werkwijzen te verstoren en schade en/of slachtofferschap te beperken, bijvoorbeeld het ontoegankelijk maken van een frauduleuze webshop of het samen met private partners inzetten op verstoring van het

criminele verdienmodel. Het doel is het stoppen van de strafbare feiten, het ontlasten van de strafrechtketen en een betekenisvolle afdoening realiseren. Om te zorgen dat de aandacht blijft uitgaan naar de meer ernstige of georganiseerde vormen van cybercrime, is een subindicator opgenomen voor de aanpak van criminele samenwerkingsverbanden die cybercrime plegen.

Afspraken
  • 361 reguliere onderzoeken naar gedigitaliseerde criminaliteit in 2024, waarvan 25% alternatieve interventies (bron: Veiligheidsagenda).

  • 51 verdachten van reguliere cybercrime zaken in 2024, waarvan 10% criminele samenwerkingsverbanden en 25% alternatieve interventies (bron: Veiligheidsagenda).

Dienstverlening

De dienstverlening van de politie aan de burger verloopt via verschillende kanalen, zo kunnen burgers rekenen op digitaal contact via politie.nl en chatbot Wout, telefonisch contact via 0900-8844 en 112 en fysiek contact aan het politiebureau, bij burgers thuis en op straat. Echter, de digitale dienstverlening van de politie loopt onvoldoende in de pas met de wensen en verwachtingen van de burger. Hierdoor dreigt de politie op dit vlak meer en meer de verbinding met de burger te verliezen.

Doel

We streven naar een dienstverlening die digitaal intelligent en fysiek excellent is

Digitaal intelligent
  • De burger komt met de politie in contact via het door hem/haar gewenste digitale kanaal (bijv. chat, voice en mobiele applicaties).

  • De digitale dienstverlening is persoonlijk, empathisch en inclusief door ‘state of the art’ technologie.

  • Iedereen, ook mensen die minder digitaal vaardig zijn, kan verbinding maken met de politie.

  • Deze nieuwe vormen van verbinding leiden tot een versterkte informatiepositie van de politie waardoor burgers steeds beter bediend worden.

Fysiek excellent
  • De politie heeft oog voor de menselijke maat en is er voor burgers op de momenten die er voor hen het meest toe doen.

  • Door standaardprocessen te digitaliseren is de politie in staat om te excelleren in het persoonlijke contact.

  • Burgers voelen zich gezien, gehoord en geholpen door de politie.

  • Technologie stelt de politie in staat om meer impact te maken met minder (capaciteit).

De realisatie van onze ambitie ‘Digitaal intelligent en fysiek excellent’ zal leiden tot nieuwe vormen van dienstverlening en bijbehorende werkwijzen. Dit alles heeft impact op allerlei verschillende onderdelen van onze organisatie zoals IT-systemen, processen, rollen en verantwoordelijkheden. De realisatie van onze ambitie betekent dan ook een transformatie van onze gehele organisatie. Uitgangspunten voor de nieuwe vormen van dienstverlening zijn:

Capaciteit voor persoonlijk contact

Door gestandaardiseerde dienstverlening digitaal aan te bieden en een aantal zaken digitaal te gaan doen, spelen we capaciteit vrij om te excelleren in persoonlijk contact. Zo helpt het digitaal opnemen van aangiften minder mobiele mensen om makkelijker toegang te krijgen tot de politie. Daarnaast creëert het digitaal organiseren van een aantal gestandaardiseerde zaken ruimte voor de basisteams om bij burgers die niet digitaal vaardig zijn persoonlijk aangifte op te nemen.

  1. betekenisvol interveniëren, waarbij de beoordeling of iets betekenisvol is bij het slachtoffer/aangever ligt;

  2. radicale transparantie, het slachtoffer/de aangever heeft toegang tot alle beschikbare informatie (het eigen dossier): de status, voortgang van een vraag, melding, aangifte - met de mogelijkheid om nieuwe informatie toe te voegen;

  3. de platform-aanpak, een ‘1-stop-shop’ benadering waarbij de dienstverlening van zoveel mogelijk partijen rond een slachtoffer/aangever worden verenigd op een platform dat integraal adviseert, ondersteunt en levert.

Aanpak

Beoogd resultaat

1. Beeldbellen
Experimenteren met het inzetten van beeldbellen bij het opnemen van aangifte.

Verlagen doorlooptijd van het opnemen van een aangifte, verbeteren van de kwaliteit en efficiënter inzetten capaciteit.

2. Doorontwikkeling chatbot
Het uitbreiden van de chatbot met functionaliteiten als: het opnemen van aangiften, meertaligheid en spraakherkenning.

Verbeteren en uitbreiden online contact.
Het bedienen van een grotere doelgroep.
Ontlasten van basisteams en RSC’s.

3. Ontwikkeling dienstverlening door digital human
Een door kunstmatige intelligente (AI) aangedreven maar levens-echt persoon die gesprekken voert door te zien, te horen en te begrijpen

Verbeteren en uitbreiden online contact.
Het testen van nieuwe concepten die kunnen bijdragen aan een digitale dienstverlening die persoonlijk, empathisch en inclusief is.

4. Doorontwikkelen Regionaal Service Centrum (RSC)
Investeren in workflow management, quality monitoring, opleiding en integrale samenwerking

Een professionele intake organisatie die efficiënt en flexibel werkt, waarbij een kwalitatief hoge mate van dienstverlening aan de burger bovenaan staat.

5. Berichten en terugmeld portaal
Het ontwerpen en realiseren van een omgeving waarin informatie-uitwisseling plaatsvindt tussen politie en burger binnen de kader van wet- en regelgeving

Transparantie over de beschikbare informatie, status, voorgang van een vraag, melding, aangifte met de mogelijkheid om nieuwe informatie toe te voegen door de burger.

6. Online Individuele Beoordeling (IB)
Onderzoeken hoe IB kan worden toegepast bij de online intake

Inzicht in de mogelijkheden om uitvoering te geven aan de slachtofferrechten bij online contact.

7. Online slachtoffer triage
Onderzoeken hoe triage kan worden toegepast bij de online intake

Inzicht in de mogelijkheden om triage toe te passen bij online contact.

2.3 Politie voor iedereen

De tegenstellingen tussen groepen in de samenleving worden op veel gebieden steeds groter. In deze tijd van toenemende polarisatie en maatschappelijke onrust is het noodzakelijk dat de politie, als een politie voor iedereen, in verbinding is met de samenleving om legitiem en effectief te blijven in haar optreden. Dit belang wordt benadrukt door het als strategisch ontwikkelthema voor de periode 2024-2027 te benoemen, met een externe en een interne component.

Verbinding met de samenleving en maatschappelijke onrust

Doel

De politieorganisatie is in staat om te gaan met verschillende opvattingen in de samenleving, daarover het gesprek aan te gaan en op basis van die verschillende beelden en de (grond)wet te reflecteren op het eigen handelen.

Maatschappelijke onrust is het collectieve gedrag dat voortkomt uit maatschappelijk ongenoegen als gevolg van ongrijpbare fenomenen, zoals globalisering, klimaatverandering, migratie en ongelijkheid. Het kan zich uiten in vreedzame en kleinschalige demonstraties, waarbij de politie veelal slechts een beperkte rol speelt in het faciliteren van burgers die hun grondrecht uitoefenen. Maar het kan ook leiden tot radicale, strafbare acties en ernstige grootschalige verstoringen van de openbare orde of het ondermijnen van de democratische rechtsorde. Het bewaken van de democratische rechtsstaat en het demonstratierecht en het handhaven van de rechtsorde en het voorkomen van escalatie is uiteraard het streven en samenwerking met dat doel is van groot belang.

Fors beslag op schaarse capaciteit

Escalatie van maatschappelijke onrust in (grootschalige) verstoringen van de openbare orde en strafbare feiten vraagt veel van de politieorganisatie en haar medewerkers. Dit legt een fors beslag op schaarse capaciteit en gaat daarmee ten koste van de aanwezigheid van de politie in de wijk. Daar komt bij dat handhavend politieoptreden voortdurend onder een vergrootglas ligt en bij escalatie onbedoeld kan bijdragen aan nieuwe tegenstellingen in de samenleving en toename van maatschappelijke onrust.

Gemeenten, OM, politie en maatschappelijke organisaties hebben elk een eigen rol bij preventie, dialoog en handhaving, waarbij het zwaartepunt binnen verschillende fasen van maatschappelijk ongenoegen en maatschappelijke onrust op lokaal niveau ligt. Om escalatie te voorkomen, is van belang dat de lokale driehoek goed op elkaar is ingespeeld en dezelfde taal spreekt t.b.v. adequaat en voortvarend handhavend opgetreden. Dit kan bijvoorbeeld door stopgesprekken, handhaving van de openbare orde onder het gezag van de burgemeester of inzet van strafvorderlijke bevoegdheden vanwege verdenking van opruiing of schadeverhaal. De keuze voor de juiste interventiestrategie wordt op basis van de lokale context, beschikbare informatie en gedragskenmerken van de doelgroep bepaald, waarbij de driehoek afweegt welk effect wordt beoogd en welke middelen worden ingezet.

Een andere belangrijke randvoorwaarde voor preventie, dialoog en handhaving is een adequate informatiepositie. Het gaat dan zowel om de wettelijke mogelijkheden van politie om noodzakelijke informatie te verzamelen op basis van haar bevoegdheden, als om deze uit te wisselen met andere organisaties. Hierbij kan worden gedacht aan de informatie bij dreigende verstoringen van de openbare orde zodat de driehoek de juiste keuzes kan maken maar ook aan informatie om handhavend optreden te voorkomen. Een goede informatiepositie is een opgave voor alle samenwerkpartners en niet alleen voor de politie. Daarbij is het balanceren tussen privacy wet en -regelgeving en veiligheidsdoelstellingen.

Bondgenoten

Bondgenoten is een methode om netwerken op te bouwen en te onderhouden tussen gemeente, politie en mensen uit de 'haarvaten' van de lokale gemeenschappen. Het doel is door de inzet van deze netwerken maatschappelijke onrust te voorkomen en verminderen. Dit beoogt Bondgenoten te bereiken door een duurzame verbinding met de samenleving op te bouwen. Politie en gemeente stellen gezamenlijk een groep samen van één persoon van de politie, één persoon van de gemeente en maximaal tien mensen uit de lokale gemeenschappen: de zogenoemde 'bondgenoten'. Deze bondgenoten komen minimaal vijf keer per jaar bijeen en bespreken actuele thema's en problemen.

Afspraken

Op het niveau van de eenheid en het district wordt jaarlijks het gesprek gevoerd over de inzet en effectiviteit van politie in het kader van verbinding met de samenleving, waaronder wijken en doelgroepen, binnen verschillende fasen van maatschappelijke onrust. Ook wordt stilgestaan bij: de verschillende rollen van gemeenten en andere organisaties, de gedeelde informatiebehoefte t.a.v. maatschappelijke onrust en de mogelijkheden om gezamenlijk de dialoog te zoeken met kritische groepen in de samenleving (bron: Veiligheidsagenda).

Diverse en inclusieve organisatie

Doel

Intern is het doel een diverse en inclusieve organisatie te zijn, zodat de effectiviteit en legitimiteit van de politie binnen de samenleving versterkt wordt.

Deze interne component vormt een voorwaarde om vooruitgang te boeken op de externe component, die het thema 'verbinding met de samenleving en maatschappelijke onrust' omvat. Om de verbinding met de samenleving te versterken, moeten wij ook naar binnen kijken. Wij zijn op dit moment nog geen afspiegeling van de samenleving en zullen een diversiteit aan talent moeten aantrekken om de vragen uit de samenleving beter te kunnen beantwoorden. Daarbij willen we als politie voor de medewerkers een organisatie zijn waar iedereen zich veilig mag/kan voelen en daadwerkelijk veilig voelt. De komende jaren werken we op vijf terreinen aan veilige, competente en effectieve teams waarin verschillende politiemensen werken voor iedereen die ons nodig heeft.

Aanpak

Beoogd resultaat

1. Veilige en inclusieve teams
Nauw verbonden met het werk en met het team waarin dat werk plaatsvindt

Werken aan inclusief leiderschap en het verband tussen diversiteit, inclusie, omgangsvormen en integriteit om sociale veiligheid te creëren. Mensen, middelen en instrumenten beschikbaar stellen voor deze ontwikkeling en maatwerk leveren waar nodig.

Een sociaal veilige en inclusieve werkplek. Het leiderschap is inclusief en mensgericht. Grensoverschrijdend(e) omgangsvormen en gedrag worden effectief en betekenisvol aangepakt.

2. Diverse instroom
Teams zijn een voor hun omgeving herkenbare politie, afgestemd op wat buiten van ze vraagt

De achterstand die is ontstaan op het gebied van de herkenbaarheid voor onze omgeving versneld inhalen, hiertoe de culturele diversiteit bij instroom van nieuwe medewerkers vergroten en uiteindelijk toegroeien naar een gerichte wervings- en selectieaanpak gebaseerd op competenties in plaats van persoonskenmerken.

Een afspiegeling zijn van de samenleving, passend bij de lokale bevolking en veiligheidsvraagstukken. Divers talent werven en aan ons te binden. Wij zijn een aantrekkelijke werkgever met een stevige positie op de arbeidsmarkt

3. Aanpak discriminatie
Gezamenlijk toewerken naar onbelemmerd maatschappelijk functioneren door veiligheid en vertrouwen

De teams geven inhoud en gezicht aan de aanpak van discriminatiegerelateerde incidenten en worden daarom met basiskennis toegerust en ondersteund. We beheersen de risico’s die discriminatie oplevert en werken hiertoe samen met partners.

Een politie die eerlijk en gelijkwaardig maatschappelijk functioneert op basis van veiligheid, vertrouwen en verbinding. Een politie die waakt over onafhankelijkheid, professionaliteit en vakmanschap.

4. Professioneel controleren
Een politie die vertrouwen wekt door hoe zij mensen controleert en bejegent en mede daardoor een Politie voor iedereen is

Investeren in rechtmatige en neutrale selecties, uitleg, professionele bejegening, reflectie, aandacht voor her- kennen, erkennen en bewustwording door interactieve interventies, training en herhaling, o.a. door VR-simulatie en handelingskader in het lesprogramma.

Een politie die vertrouwen wekt door de wijze waarop zij mensen controleert en bejegent. Wij willen zichtbaar van betekenis zijn door professioneel te controleren en hierop aanspreekbaar zijn.

5. Netwerk Divers Vakmanschap (NDV) en Bondgenoten
Wij kijken met meer begrip naar de ander en ontvangen dit kijken van de ander terug

Het NDV wordt ingezet, dit is een inclusief, landelijk netwerk van collega’s met kennis en ervaring over verschillende leefstijlen, religies, (sub)culturen, genderidentiteit en seksuele geaardheid. Het NDV deelt snel en vakkundig kennis, deskundigheid en ervaringen uit het land met operatie en bedrijfsvoering. Het vervult een aanjaagfunctie een sociaal veilig werkklimaat en is meldplaats van diversiteits- en inclusieproblematiek.

We hebben kennis van de verschillende gemeenschappen, leefstijlen en culturen en weten hoe wij in verbinding moeten komen met de groepen in de samenleving, wat er speelt en wat de effecten zijn van ons optreden. Stimuleren van leren en reflecteren op hoe wij ons in ons gedrag tot de ander verhouden.

3. Reguliere strategische thema's

3.1 Zorg en veiligheid

Zorg en veiligheid is in Oost-Nederland als bestuurlijk thema gekozen. De complexiteit in de samenleving maakt dat netwerkpartners en politie effectief moeten samenwerken en verkennen wie hierop een passend antwoord of aanpak heeft. Dit vanuit de visie ‘Veiligheid Voorop!’4 en in het verlengde daarvan ‘Samen op in Acuut’5. Hierdoor kunnen zorg én veiligheid niet alleen op het juiste moment maar ook door de juiste instanties geboden worden. Als politie blijven wij op de thema’s binnen zorg en veiligheid een betrouwbare partner. Vanuit ons vak en de verantwoordelijkheid voor de veiligheid die daarbij hoort, blijven wij doen wat nodig is, trekken samen op met partners en blijven aansluiten bij de bestaande structuren. Er is echter geen beleidsmatige intensivering voorzien.

Personen met verward gedrag

De afgelopen 5-10 jaar zijn er met partners in Oost-Nederland goede stappen gezet om de afhandeling van incidenten met personen met verward gedrag meer vanuit zorg te organiseren. We sluiten bijvoorbeeld nauwelijks meer mensen in ten behoeve van een crisisbeoordeling en het vervoer naar een zorglocatie wordt ook door een zorgvervoerder geregeld. Hiermee is echter de druk op de politie op dit punt in Oost-Nederland allerminst afgenomen. Het aantal incidenten ‘overlast door mensen met verward gedrag’ neemt nog altijd (fors) toe.

Dit betekent dat we bijdragen aan de sluitende multidisciplinaire- en systeemgerichte aanpak (met oog voor kwetsbaarheid van personen) bij acute en structurele onveilige situaties waar zorg en straf aan de orde zijn en dat de inzet op de volgende drie terreinen wordt voortgezet:

  1. acuut optreden bij situaties van onveiligheid en strafrecht inzetten waar nodig, vanuit de kernwaarden beschermen, begrenzen, bekrachtigen (rekening houdend met het ‘selectiviteitskader jeugd’), daarbij blijven we investeren in de deskundigheid/alertheid van onze politiemedewerkers zodat zij voldoende toegerust zijn en blijven om de complexe taak die dit thema vraagt, op een goede manier kunnen uitvoeren;

  2. signaleren, adresseren en adviseren met betrekking tot personen die zorg nodig hebben aan de organisaties die dit kunnen bieden;

  3. het zijn van een betrouwbare partner met toegevoegde waarde in de multi-samenwerking (zoals in Veiligheidshuizen) in afstemming op alle niveaus met als doel effectieve en op elkaar aansluitende interventies rondom kwetsbare (gezins-)systemen/personen.

Voor wat betreft het thema jeugd zijn er raakvlakken met de strategische ontwikkelthema’s Digitale Veiligheid en Ondermijning. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het risico van met name kwetsbare jongeren om in de greep van cyber- of drugscriminelen te komen. Daarnaast blijven we een belangrijke signalerende taak houden t.a.v. jeugd(groepen) in de offline wereld, hetgeen in ontwikkeling is en goede en effectieve samenwerking vraagt in de hele keten. De fluiditeit van jeugd(groepen) en de verwevenheid tussen online en offline aanwezigheid vraagt ook van de politie een juiste balans in die aanpak.

3.2 Aanpak seksueel geweld / seksuele misdrijven en online seksueel kindermisbruik

Het aan het licht komen van grote incidenten van seksueel grensoverschrijdend gedrag hebben gezorgd voor extra aandacht en een extra impuls aan de aanpak van grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld. De ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Sociale Zaken en Werkgelegenheid werken aan het opstellen van een Nationaal Actieplan. De politie speelt een belangrijke rol bij de strafrechtelijke handhaving, die in deze zaken een onmisbaar sluitstuk is. Het wetsvoorstel seksuele misdrijven is hierbij belangrijk. Deze wet, die onder andere voor politie een grote opgave betekent, maakt dat slachtoffers in meer situaties aangifte kunnen doen en dat zaken sneller kunnen worden opgepakt. De inwerkingtreding is voorzien in 2024. Dit betekent niet dat een strafrechtelijke afdoening dan altijd mogelijk is, of altijd de enige of beste oplossing is. Naast opsporing is het van belang om ook in te steken op preventie en op alternatieve afdoeningen die aansluiten bij de behoeften van slachtoffers. In alle zedenzaken is een voortvarend en zorgvuldige behandeling van groot belang. Zeker als zaken langer duren, dient de politie het slachtoffer goed te informeren en te bejegenen. De politie zal ook de komende jaren blijven werken aan verbetering op dat vlak.

4. Bedrijfsvoering

4.1 Politiesterkte

De politie Oost-Nederland wordt de komende jaren versterkt met extra politiemensen, niet alleen bij de basisteams maar ook bijvoorbeeld bij de meldkamer, waar flink wordt uitgebreid om onze burgers en bedrijven in nood te helpen.

4.1.1 Sterkteverdeling districten

De totaal beschikbare capaciteit voor districten is na een tussentijdse evaluatie (op de component werklast) van het verdeelsysteem HBVs+ opnieuw verdeeld over de basisteams. In de bijlage is de verdeling per basisteam opgenomen.

District

HBVS+ 2018 (huidin)

HBVS+ 2023 (nieuw)

IJsselland

594,0

598,8

Twente

789,5

792,6

N.O. Gelderland

876,1

880,9

Gelderland Midden

836,0

830,8

Gelderland Zuid

657,5

650,5

TOTAAL

3753,2

3753,7

Operationele capaciteit (sterkte exclusief aspiranten) in fte

Uitbreiding

In een Tweede Kamerbrief van de Minister van Justitie en Veiligheid (d.d. 13 oktober 2021)6 heeft de minister aangekondigd dat er extra gelden beschikbaar komen voor de uitbreiding van de politiesterkte. Omgerekend gaat het landelijk om 700 fte, waarvan Oost-Nederland 110 fte krijgt toegewezen. Gezien de behoefte aan meer agenten, wordt 55 fte hiervan als capaciteits- en kwaliteitsimpuls – in de vorm van (digitale) agenten – toegevoegd aan de basisteams. De uitbreiding van 26 (digitale) wijkagenten (zie volgende paragraaf) maakt onder- deel uit van die 55 fte. De andere 55 fte is minimaal nodig om het Platform Web & Wijk (zie paragraaf 4.1.3) te bemensen. Effectuering van de motie Hermans vindt voor een deel plaats in 2024 en voor een deel in 2025.

Daarnaast wordt elk basisteam uitgebreid met 1 Kwaliteits-Hulp Officier van Justitie (totaal 27 fte). Deze uitbreiding is samen met de uitbreiding op basis van de Motie Hermans opgenomen in onderstaande tabel. De uitbreiding in het kader van het programma Preventie met Gezag is hierin niet meegenomen.

District

HBVS+ 2023

Uitbreiding (110 fte)

Uitbreiding (kwal. hovj)

Nieuwe sterkte

IJsselland

598,8

8,8

4,0

611,6

Twente

792,6

11,6

5,0

809,2

N.O. Gelderland

880,9

12,9

6,0

899,8

Gelderland Midden

830,8

12,2

8,0

850,9

Gelderland Zuid

650,5

9,5

4,0

664,1

Platform Web & Wijk

Geen waarde

55,0

Geen waarde

55,0

TOTAAL

3753,7

110,0

27,0

3891,7

Operationele capaciteit (sterkte exclusief aspiranten) in fte

Wijkagenten

Wettelijk is vastgelegd dat op eenheidsniveau op elke 5000 inwoners 1 wijkagent in de formatie is ingericht. Met het vaststellen van de nieuwe sterkteverdeling is dit opnieuw aan deze norm getoetst. Als gevolg van inwonersgroei dient Oost-Nederland 26 fte extra wijkagenten in te richten. De aanbeveling is om in afstemming met het lokaal bevoegd gezag zo veel als mogelijk te kiezen voor digitaal wijkagenten. De samenstelling van elk basisteam wordt bepaald in de driehoek.

District

Extra (digitaal) wijkagenten

Nieuw totaal wijkagenten

IJsselland

4,3

107

Twente

5,0

128

N.O. Gelderland

6,6

165

Gelderland Midden

5,6

142

Gelderland Zuid

4,5

114

TOTAAL

26

656

Wijkagenten in fte

4.1.2 Overige formatiewijzigingen

Naast de geschetste sterkteherverdeling en -uitbreiding van de districten (basisteams) zijn er ook binnen de andere onderdelen van de politie enkele formatiewijzigingen. Onderstaande formatiewijzigingen zijn weergegeven in fte. Nadat de operationele capaciteit bestuurlijk is vastgesteld, wordt de vertaling gemaakt naar functies per team. De formatiewijzigingen zijn gericht op het:

  • versterken van het slachtofferloket met 1,3 fte, gefinancierd vanuit landelijk budget, ondergebracht binnen de Dienst Regionale Operationele Samenwerking (DROS);

  • versterken van het operationeel centrum7 met 19,5 fte, gefinancierd vanuit extra (gelabelde) gelden uit het coalitieakkoord, ondergebracht binnen de Dienst Regionale Operationele Centrum (DROC);

  • versterken van Camera in Beeld met 3,0 fte, gefinancierd vanuit zowel een bijdrage vanuit andere eenheden (2,6 fte) als een eigen bijdrage (0,4 fte), ondergebracht binnen de Dienst Regionale Operationele Samenwerking (DROS);

  • versterken van de integrale aanpak van het voorkomen van jeugdcriminaliteit in kwetsbare gebieden: preventie met gezag. Landelijk is bepaald dat de gemeenten Arnhem, Enschede en Nijmegen in aanmerking komen voor een subsidie. Het traject voor Arnhem (1 fte) is afgerond, het traject voor de twee andere gemeenten loopt nu.

  • versterken van de control-functie met 4,0 fte, gefinancierd door het Politie Dienstencentrum, ondergebracht binnen de Eenheidsstaf.

4.1.3 Platform Web & Wijk

Het werk dat op basisteams afkomt wordt steeds complexer. De maatschappij ontwikkelt zich in een rap tempo. De virtuele en fysieke wereld zijn geen gescheiden werelden meer en stellen politiewerk in de basisteams voor nieuwe uitdagingen. Online bedreigingen kunnen tegenwoordig leiden tot geweld tegen (publieke) personen en daders maken dagelijks door heel Nederland honderden slachtoffers door bijvoorbeeld helpdeskfraude. Andere voorbeelden van de nieuwe werkelijkheid zijn digitale oproepen tot rellen, het verspreiden van desinformatie om maatschappelijke onrust te veroorzaken, jeugdgroepen die elkaar via sociale media ophitsen om geweld te plegen maar ook criminele activiteiten als sextortion en doxing. De snelheid waarmee een diversiteit aan vormen van digitale en ondermijnende criminaliteit zich ontwikkelt, maken dat de politie niet alle noodzakelijke expertise en benodigde (tijdelijke) capaciteit voor de aanpak in elk basisteam kan organiseren. Daarvoor richt de politie het platform Web & Wijk in dat basisteams gaat faciliteren zodat de (wijk)agenten zich juist kunnen richten op hun corebusiness: politiewerk voor en met de mensen in de wijk. Het platform krijgt een omvang van 55 fte. De kaders voor de inzet van de capaciteit van het Platform Web & Wijk worden gevormd door dit MJBP. In het jaarverslag zal jaarlijks achteraf aan het bestuurscollege verantwoording worden afgelegd over deze inzet en de bereikte resultaten. Afgestemd op de behoefte zullen we aanvullend tussentijds in de Districtelijke Veiligheidsdoverleggen (DVO's) een terugkoppeling geven over de bereikte resultaten.

Samengevat: het platform Web & Wijk
  1. helpt basisteams bij hun (grensoverschrijdend) operationele werk;

  2. zorgt dat basisteamleden meer toekomen aan hun werk in en voor de wijk;

  3. vergroot de zichtbaarheid van de politie, omdat we beter weten wanneer en waar we moeten zijn - ook in het digitale domein (met in het bijzonder aandacht voor de jeugd);

  4. ondersteunt gezagsdriehoeken bij het maken van (datagedreven) operationele keuzes;

  5. vermindert verplichte leveringen vanuit basisteams;

  6. versterkt de digitale transformatie van het politiewerk en de aanpak van ondermijnende criminaliteit;

  7. biedt ontwikkelkansen voor medewerkers.

4.2 Duurzaamheid

Als politie zetten we ons in voor een duurzame organisatie om bij te dragen aan een duurzame samenleving, een verantwoordelijkheid van ons allemaal. Zeker als een van de grootste werkgevers van Nederland. Landelijk heeft de politie de volgende doelstellingen:

  • 60% CO2 reductie in 2030 t.o.v. 1990 en een klimaat neutrale bedrijfsvoering in 2050. Hiertoe is een jaarlijkse CO2-reductie benodigd van: 4.335 ton CO2 en 5,6% van 2023 t/m 2030.

  • In lijn met Europese wet- en regelgeving een reductie van 60% van de vervoer-gerelateerde CO2-emissies in 2030, voor zowel het dienstvervoer als ook de werk-gebonden mobiliteit. Daarnaast is in Oost-Nederland een werkgroep gestart om een verdere bijdrage op het gebied van duurzaamheid te leveren. Faciliteiten als oplaadvoorzieningen, parkeerbeleid, afvalverwerking of aanpassingen van de voedselvoorziening tijdens (grootschalig) politieoptreden zullen ook een bijdrage aan de landelijke opgaven leveren.

4.3 Huisvesting

De politie is sterk in beweging op het gebied van huisvesting. Daarbij heeft zij met verschillende uitdagingen te maken, zoals hogere Europese en nationale ambities op het terrein van duurzaamheid, sterk gestegen en onzekere energiekosten en stijgende kosten van bouw en onderhoud. Daarnaast is er schaarste aan mensen, materieel en grondstoffen in de bouw en aan ruimte voor geschikte locaties. Om deze uitdagingen het hoofd te bieden heeft de politie een nieuw kader voor huisvesting vastgesteld. Uitvoering geven aan dit kader moet leiden tot herziene huisvestingsplannen per eenheid om uiteindelijk te komen tot een toekomstbestendige huisvesting voor het korps. In de komende jaren zal actief gestuurd worden op het geheel van de huisvestingsplannen om ook met de realisatie binnen het kader te blijven. Dit vraagt om (her)prioriteren in ambities en goede sturing op de gehele vastgoedportefeuille en het daarmee samenhangende projectenportfolio. De eenheid Oost-Nederland zal dit plan conform planning opleveren en er zowel in de beleidsperiode 2024-2027 als de jaren daarna uitvoering aan geven.

4.4 Wetboek van strafvordering

Aan het eind van de beleidsperiode wordt het nieuwe Wetboek van strafvordering ingevoerd. Dit is noodzakelijk omdat het wetboek uit 1926 steeds minder houvast biedt voor de huidige strafrechtspleging. Met circa 150 (grote) wijzigingen is het wetboek onoverzichtelijk geworden. Op cruciale onderdelen bevat het huidige wetboek niet het geldende recht zoals dat in de rechtspraak is ontwikkeld (verschoningsrecht, smartphone jurisprudentie). Daarnaast is op veel punten stroomlijning en vereenvoudiging mogelijk, de opsporing en het strafproces kunnen efficiënter en het wetboek is onvoldoende voorbereid op de introductie van nieuwe technologieën voor communicatie, verslaglegging en opsporing. De invoering heeft de komende jaren veel voeten in de aarde voor de politieorganisatie. Zo heeft de implementatie een forse impact op de werkprocessen, leeropgave, informatievoorziening en facilitaire zaken. De leeropgave houdt bijvoorbeeld in dat korpsbreed 48.500 politiemedewerkers bijgeschoold moeten worden. De politie heeft na vaststelling van de wet door de Tweede Kamer (naar verwachting medio 2024) drie jaar nodig voor de realisatie van de voorzieningen (analyse, afstemmen, bouwen, testen, etc.). De invoering levert uiteindelijk een belangrijke impuls op van de strafvorderlijke kennis en van de kwaliteit van de opsporing, een meer passend wetboek, verbetering van ketenprocessen en digitalisering van processen (Digitaal Procesdossier, Digitale handtekening, Multimedia).

5. Bijlagen

Bijlage 1 Sterkteverdeling

District / Dienst

HBVS+ 2023

Uitbreiding

Operationele sterkte

Waarvan min. aantal (digitale) wijkagenten

IJsselland

598,8

12,8

611,6

107

Twente

792,6

16,6

809,2

128

N.O. Gelderland

880,9

18,9

899,8

165

Gelderland Midden

830,8

20,1

850,9

142

Gelderland Zuid

650,5

13,5

664,1

114

Dienst Regionale Recherche

nvt

-

1.030,6

nvt

Dienst Regionale Intelligence Organisatie

nvt

-

450,7

nvt

Dienst Regionale Operationele Samenwerking

nvt

3,9

789,8

nvt

Dienst Regionaal Operationeel Centrum

nvt

19,5

159,0

nvt

Platform Web & Wijk

nvt

55,0

55,0

nvt

Aspiranten (tellen niet mee in operationele sterkte)

nvt

(-110)

(449)

nvt

Overige onderdelen (waaronder ZSM)

nvt

-

68,7

nvt

TOTAAL

3.753,7

160,4

6.389,4

656

District / Basisteam

HBVS+ 2023

Uitbreiding

Operationele sterkte

Waarvan min. aantal (digitale) wijkagenten

---

---

---

---

---

IJsselland

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

IJsselland Noord

115,9

3,0

118,9

27

IJsselland Zuid

163,8

3,8

167,7

32

Vechtdal

87,0

2,5

89,5

22

Zwolle

145,7

3,5

149,2

26

DR

69,3

Geen waarde

69,3

Geen waarde

Flextem

15,0

Geen waarde

15,0

Geen waarde

Leiding

2,0

Geen waarde

2,0

Geen waarde

totaal district

598,8

12,8

611,6

107

District / Basisteam

HBVS+ 2023

Uitbreiding

Operationele sterkte

Waarvan min. aantal (digitale) wijkagenten

---

---

---

---

---

Twente

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Enschede

234,0

5,0

238,9

33

Noordoost Twente

85,9

2,5

88,4

20

Twente Midden

165,1

3,8

168,9

32

Twente Noord

117,3

3,0

120,3

24

Twente West

77,3

2,3

79,7

19

DR

96,0

Geen waarde

96,0

Geen waarde

Flextem

15,0

Geen waarde

15,0

Geen waarde

Leiding

2,0

Geen waarde

2,0

Geen waarde

totaal district

792,6

16,6

809,2

128

District / Basisteam

HBVS+ 2023

Uitbreiding

Operationele sterkte

Waarvan min. aantal (digitaal) wijkagenten

N.O. Gelderland

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Achterhoek Oost

117,7

2,8

120,5

26

Achterhoek West

153,3

3,4

156,7

34

Apeldoorn

180,9

3,8

184,7

33

IJsselstreek

118,6

2,8

121,4

25

Veluwe Noord

107,1

2,7

109,8

27

Veluwe West

88,6

3,4

928

20

DR

97,8

Geen waarde

97,8

Geen waarde

Flexteam

15,0

Geen waarde

15,0

Geen waarde

Leiding

2,0

Geen waarde

2,0

Geen waarde

totaal district

880,9

18,9

899,8

165

District / Basisteam

HBVS+ 2023

Uitbreiding

Operationele sterkte

Waarvan min. aantal (digitaal) wijkagenten

Gelderland Midden

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Arnhem Noord

156,8

3,7

160,5

19

Arnhem Zuid

98,6

2,7

101,3

16

Ede

118,7

3,0

121,8

23

IJsselwaarden

55,6

1,9

57,6

11

Rivierenland Oost

70,6

2,2

72,8

17

Rivierenland West

64,8

2,1

66,9

19

Veluwe Vallei Noord

82,5

2,4

84,9

23

Veluwe Vallei Zuid

66,8

2,1

69,0

14

DR

99,2

Geen waarde

99,2

Geen waarde

Flexteam

15,0

Geen waarde

15,0

Geen waarde

Leiding

2,0

Geen waarde

2,0

Geen waarde

totaal district

830,8

20,1

851,0

142

District / Basisteam

HBVS+ 2023

Uitbreiding

Operationele sterkte

Waarvan min. aantal (digitaal) wijkagenten

---

---

---

---

---

Gelderland Zuid

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

De Waarden

191,2

4,3

195,5

45

Nijmegen Noord

111,3

2,9

114,2

16

Nijmegen Zuid

134,7

3,3

138,0

22

Tweestromenland

118,7

3,0

121,7

31

DR

77,7

Geen waarde

77,7

Geen waarde

Flexteam

15,0

Geen waarde

15,0

Geen waarde

Leiding

2,0

Geen waarde

2,0

Geen waarde

totaal district

650,5

13,5

664,1

114

TOTAAL DISTRICTEN

3.753,7

82,0

3.835,8

656

---

---

---

---

---

Nog niet verwerkt: 3 x 1 fte i.h.k.v. 'preventie met gezag' in resp. GLM, GLZ en TWN

Dienst / Afdeling

HBVS+ nvt

Uitbreiding

Operationele sterkte

wijkagent nvt

Dienst Regionale Recherche

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Afdeling Generieke Opsporing

Geen waarde

-

254,0

Geen waarde

Afdeling Thematische Opsporing

Geen waarde

-

203,6

Geen waarde

Afdeling Specialistische Ondersteuning (incl.Cybercrimeteam)

Geen waarde

-

440,2

Geen waarde

Afdeling Vreemdelingenpolitie

Geen waarde

-

130,8

Geen waarde

Leiding

Geen waardeGeen waarde

2,0

Geen waarde

totaal dienst

Geen waarde

0,0

1.030,6

Geen waarde

Dienst / Afdeling

HBVS+ nvt

Uitbreiding

Operationele sterkte

wijkagent nvt

---

---

---

---

---

Dienst Regionale Intelligencerorganisatie

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Afdeling Analyse & Ondersteuning

Geen waarde

-

106,2

Geen waarde

Afdeling Analyse & Onderzoek

Geen waarde

-

74,0

Geen waarde

Afdeling Intelligencer Knooppunten

Geen waarde

-

164,1

Geen waarde

Afdeling Regionale Intelligencer

Geen waarde

-

101,4

Geen waarde

Afdeling B.I.&K.

Geen waarde

-

3,0

Geen waarde

Leiding

Geen waardeGeen waarde

2,0

Geen waarde

totaal dienst

Geen waarde

0,0

450,7

Geen waarde

Dienst / Afdeling

HBVS+ nvt

Uitbreiding

Operationele sterkte

wijkagent nvt

---

---

---

---

---

Dienst Regionale Operationele Samenwerking

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Afdeling Conflict en Crisisbeheersing

Geen waarde

-

44,2

Geen waarde

Afdeling Regionale Coördinatietaken

Geen waarde

-

95,0

Geen waarde

Afdeling Arrestantentaken

Geen waarde

-

272,9

Geen waarde

Afdeling Hondenbrigade

Geen waarde

-

90,3

Geen waarde

Afdeling Infrastructuur

Geen waarde

2,6

162,4

Geen waarde

Afdeling Regionaal Service Centrum

Geen waarde

1,3

123,0

Geen waarde

Leiding

Geen waardeGeen waarde

2,0

Geen waarde

totaal dienst

Geen waarde

3,9

789,8

Geen waarde

Dienst / Afdeling

HBVS+ nvt

Uitbreiding

Operationele sterkte

wijkagent nvt

---

---

---

---

---

Dienst Regionaal Operationeel Centrum

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Afdeling Meidkamer

Geen waarde

19,5

158,0

Geen waarde

Leiding

Geen waardeGeen waarde

1,0

Geen waarde

totaal dienst

Geen waarde

19,5

159,0

Geen waarde

Dienst / Afdeling

HBVS+ nvt

Uitbreiding

Operationele sterkte

wijkagent nvt

---

---

---

---

---

Overige Onderdelen

Geen waardeGeen waardeGeen waardeGeen waarde

Afdeling ZSM

Geen waarde

-

26,7

Geen waarde

Platform Web & Wijk

Geen waarde

55,0

55,0

Geen waarde

Regionale Staf (waaronder VK)

Geen waarde

-

38,0

Geen waarde

Aspiranten (tellen niet mee in operationele sterkte)

Geen waarde

(-110)

(449)

Geen waarde

Leiding

Geen waardeGeen waarde

4,0

Geen waarde

totaal dienst

Geen waarde

55,0

123,7

Geen waarde

TOTAAL DIENSTEN

Geen waarde

78,4

2.553,8

Geen waarde

---

---

---

---

---

Bijlage 2 Oost-Nederland in beeld

/storage/documents/64/images/img-0.jpeg

Voetnoten

  1. Artikel 39, lid 1, Politiewet Terug naar voetnoot-referentie 1

  2. Artikel 20, lid 1 en art 18 lid 1, Politiewet Terug naar voetnoot-referentie 2

  3. Namens zowel de politie als het OM in Oost-Nederland wordt een voorbehoud gemaakt ten aanzien van dit aantal. De verdeling is gebaseerd op de rechercheformatie en de historische resultaten. De resultaten tot nog toe en de forse onderbezetting de komende jaren van de operationele opsporingscapaciteit, maken dat de gestelde norm als ambitie wordt geaccepteerd, maar op het resultaat een nadrukkelijk voorbehoud wordt gemaakt. Terug naar voetnoot-referentie 3

  4. Ontwikkelagenda met een meerjarig perspectief op alle noodzakelijke activiteiten voor de verbetering van samenwerking tussen justitieorganisaties en Veilig Thuis bij de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Terug naar voetnoot-referentie 7

  5. In het kader van ‘Samen op in Acuut’ trekken politie, Veilig Thuis, OM, reclassering en de Raad voor de Kinderbescherming in acute situaties direct samen op. Terug naar voetnoot-referentie 8

  6. Kamerstukken II 2021–2022, 35925 VI, nr. 16 Terug naar voetnoot-referentie 6

  7. Ontwikkelagenda met een meerjarig perspectief op alle noodzakelijke activiteiten voor de verbetering van samenwerking tussen justitieorganisaties en Veilig Thuis bij de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling Terug naar voetnoot-referentie 4

  8. In het kader van ‘Samen op in Acuut’ trekken politie, Veilig Thuis, OM, reclassering en de Raad voor de Kinderbescherming in acute situaties direct samen op. Terug naar voetnoot-referentie 5